Januari 1945, verraders geliquideerd

In de laatste oorlogswinter werden plotseling veel onderduikadressen door de Duitsers ontmanteld en onderduikgevers door de Duitsers gevangen gezet. Omdat het lange tijd goed was gegaan lokale verzetsmensen dat er verraad in het spel was. Op een gegeven moment begon het te dagen dat Arend Klee, een Amsterdamse grondwerker, wel eens een dubbelrol kon hebben.

De officiële lezing van de terechtstelling van de verrader Arend Klee. Klee deed alsof hij voor de Duitsers op de vlucht was en wist zo onderdak te krijgen in Koudum bij mensen die hem vertrouwden. Aanvankelijk was hij in de kost bij het gezin Uilke Hoekema aan de Beukenlaan, vurig anti Duitse mensen, aldus verzetsman Anne Osinga, maar toen hij Klee merkte dat het verzet hem wilde uitschakelen en hem op de hielen zat, verliet hij Koudum niet, opmerkelijk genoeg. Op de avond van zijn arrestatie was hij in het huis van Uilkes broer Ulfert Hoekema in de Bakkersteeg. Het tienjarige jongetje dat wordt genoemd in het rapport, was de toen in werkelijkheid vijftienjarige Sjouke Reinstra. Samen met zijn broer Johannes (Hampie) bracht hij een paar klompen naar Staveren, niet voor hun vader maar voor hun broer Jurjen die in de vorige nacht door de Duitsers was opgepakt. De Reinstra's woonden eveneens aan de Beukenlaan. Klee was bij Ulfert Hoekema in huis toen leden van de sabotagegroep Doniawerstal hem oppakten. Het verzet in Koudum had deze groep benaderd, nadat het lokale veemgerecht had geoordeeld dat Klee uit de weg geruimd moest worden.

Toegevoegd 8 juli 2020: In het bovenstaande rapport wordt half januari 1945 genoemd als de datum waarop de liquidatie zou zijn uitgevoerd. Dit lijkt niet in overeenstemming met de mededeling van Sjouke Reinstra, omdat diens broer Jurjen op 4 februari is opgepakt. Ook lijkt het laten verdwijnen van het lijk, zoals in het rapport omschreven, moeilijk te rijmen met de winterse omstandigheden in januari 1945. De hele januarimaand vroor het hard. Beide omstandigheden lijken erop te wijzen dat de liquidatie minimaal een maand later plaatsvond dan genoemd in dit rapport.

Een tweede verrader?
Toch moet er in januari 1945 een verrader in Koudum zijn gearresteerd en gedood, nu door leden van de lokale knokploeg uit Hemelum en Koudum. Van deze liquidatie zijn geen officiële stukken bekend. Uit overlevering is naar voren gekomen dat deze persoon zou zijn gedood in een boerderij. Zijn dode lichaam zou bij 'It Feitesân' ten oosten van Koudum onder het ijs is geschoven. Toen het ijs was gesmolten is verzetsman Johannes Hoekstra gewaarschuwd dat het lijk dreef. Eind maart 1945 is een lijk, mogelijk deze persoon, drijvend aangetroffen op Alde Karre, twee km zuidelijk van It Feitesân. Het zou kunnen gaan om ene Lex of Alex die in de kost was bij Klaas Schotanus, machinist van de zuivelfabriek, ook al wonend aan de Beukenlaan. Deze persoon zou afkomstig zijn uit Stompetoren of uit Rotterdam. Navraag in Stompetoren en omgeving en raadpleging van de lijst vermisten WOII van het Rode Kruis heeft niets opgeleverd. Toegevoegd 8 juli 2020: ook de naam Leo wordt genoemd.

Laatste wijziging 8 juli 2020,

Jan de Vries

Op basis van getuigenverklaringen heeft de politie op 13 sept. 2013 en 8 okt. 2014 bij het Koudumer Boskje gezocht naar stoffelijke resten, zonder resultaat. Wel leverde de actie een aantal nieuwe verklaringen op.

Krant van 14 sept. 2013.