Spaanse overval 1586

Anno 1580  in januario op Pontiaen, het oude herdenkingsbord in de Martinikerk dat met deze regel begint, herinnert aan de verschrikkingen van de Spaanse razzia in Friesland in januari 1586, toen het ijs sterk was. Ook in de kerken van Boksum en Blessum hangen dergelijke herdenkingsborden, want ook die dorpen leden toen onder het Spaanse geweld. De inwoners van Koudum werden zeer zwaar getroffen, dit blijkt ondermeer uit toenmalige beschrijvingen: Het branden en blaken, de wreedheden, bedreven met schenden van wijven en maagden, met vermoorden van oud en jong, met meeslepen van kraamvrouwen, gestorven onderweg, met doodsteken en wegwerpen van onlangs geboren kinderen, met pijnigen en knevelen om onvergeldelijk ransoen, deden de genen die de verhalen aanhoorden, de haren te berg staan (P.C. Hooft, Historiën, p. 1058).

Het bord vertelt op beknopte wijze in een onbeholpen gedicht hetzelfde verhaal. Hieronder volgt de volledige tekst in de originele spelling. Alhoewel dat laatste moeilijk te controleren is omdat het bord in 1891 of 1893 is herschildert, door de dorpsschilder Ype de Jong, zoals helemaal onderaan te lezen staat. Al in de eerste regel staat een enorme fout: het jaartal 1580 moet 1586 zijn.

Anno 1580

In Januario op Pontiaen den XIIII dagh

In Coudum groot jammer men sagh

Aen man, wijff ende kindt groot int ghetal

Met hangen ende vrouwen schenden over al

Aen die Peerde steerten ghebonden voor waer

Als honden sij nae liepen, dat is seeker en claer

Al van de maleegotenten seer boos en wreet

Leeden oock jongh Dochters menig verdrit

Hier aen gedenckt man wyff ende kindt

Voor al dat ghij den Heer bemindt

 

Myn kindt wilt ghij Gods dienaer syn soo

Schickt u ter aenvechtinghe

De twee laatste regels van het gedicht zijn toegevoegd in 1652 door schoolmeester Balthasar Laurens Hoffman, B. Hoffman scripsit, op gezag van de kerkvoogden Abbe Benckes Poenema en Ulcke Okkes. Ook schilder Ype de Jong liet zijn naam achter op het bord. De tekst en het bord zijn van 1612, volgens opgave van De Rijksdienst voor cultureel erfgoed. Helaas geeft het archief van de Rijksdienst geen antwoord op de vraag hoe men aan dat jaartal is gekomen. Mogelijk staat het op de niet meer zichtbare originele achterkant, die aan het oog is onttrokken door later aangebrachte verstevigingplanken. Als de datering 1612 juist is, werd het bord gemaakt ten tijde van dominee Wouter Reiniersz. Het bord zelf heeft ook dus een geschiedenis. Sinds het gemaakt werd is er van alles mee gebeurd. Het hing in drie opvolgende kerkgebouwen en het werd niet alleen bijgeschilderd maar ook bijgespijkerd en (opnieuw) voorzien van een lijst. De restauraties zijn, om het netjes te zeggen, niet allemaal met zorg uitgevoerd want op een aantal plaatsen aan de voorkant van het bord steken spijkers naar buiten.

De twee laatste regels van het gedicht met de namen.De achterkant van het gedenkbord. de foto's van het bord zijn genomen in 2008 door Jan de Vries.