Dokter Wieger Visser (1837-1900), huisarts in Koudum 1865-1900
Wieger Visser is geboren op 19 januari 1837 in Woudsend. Hij is een zoon van Wieger Visser (1812-1879) en Itsk Doedes Breuning.[1] Het gezin Visser is omstreeks 1840 van Woudsend naar Koudum verhuisd, want het zusje van Wieger, Maaike, is daar in 1841 geboren.[2] Vader Wieger Visser was van 1840 tot 1879 geneesheer in Koudum.
In 1854 woont hij tijdelijk in Leeuwarden.[3] Bij een volkstelling in 1854 staat hij, als zeventienjarige ingeschreven in Stiens, met als beroep chirurgijns-leerling.[4] In februari 1856 gaat hij naar Vrouwenparochie[5], in mei 1858 naar Oosterend (gemeente Hennaarderadeel. Daarna vertrekt hij naar Amsterdam.[6] In Amsterdam woont hij (waarschijnlijk bij de familie van koopman Jan Louis Valentijn Schutz) in de Warmoestraat op nummer 419.[7] In 1860 gaat hij daar weer weg.[8]
Waar Wieger Visser in 1860 precies naar toe gaat, is onduidelijk, al blijft hij waarschijnlijk wel in Amsterdam. In ieder geval heeft hij vanaf 1854, als hij chirurgijns-leerling wordt genoemd, een opleiding tot geneesheer gedaan. Want op 1 november 1863 verhuist hij van Amsterdam naar Norg (Drenthe), waar hij een aanstelling als geneesheer krijgt voor een traktement van 900 gulden per jaar. Bij de aanstelling hoort ook een woning.[9] Op 11 november 1865 vertrekt Wieger Visser, geneesheer, uit Norg en vestigt zich weer in Koudum, waarschijnlijk bij zijn ouders, Konijneburen A 107 K.[10] Onduidelijk is of hij samen met zijn vader diens dokterspraktijk voortzet of dat hij die praktijk overneemt.
In 1882 wordt “dr. W. Visser te Koudum” corresponderend lid van de geneeskundige raad voor Friesland en Groningen.[11]
Wieger Visser trouwde op 10 november 1886 in Hindeloopen met Trijntje Buma.[12] Trijntje Buma, geboren te Hindeloopen op 26 oktober 1854, was de dochter van de in Koudum geboren Age Buma (1820-1893). Die was van 1881 tot 1886 lid van de Tweede Kamer voor het district Sneek. Buma was jarenlang voorzitter van de Zuiderzeevereniging en zette zich in voor de inpoldering van de Zuiderzee.
Het huwelijk in 1886 was een behoorlijk spektakel. Althans, zo herinnert de toen veertienjarige Sipke Feenstra zich dat in 1949. Hij schrijft in een van zijn stukken ‘Koudum yn myn bernejierren’ het volgende:
“Ik wit noch dat dokter Visser troude. Dat wie mei Tryntsje, in dochter fan Age Buma, it keamerlid, dy’t yn Hynljippen wenne. Der wiene doe yn Koudum in hiele protte flaggen út. De middeis waerd bikend makke, dat elk de jouns foar twa kwartsjes flaggebier opnimme mocht. De skippers koenen dat dwaen op ‘e wâl yn ‘Spoarsicht’. Myn kammeraet fan doe, Wietse, syn heit hie ek flagge. Wy wienen fan dy jonges fan miskien trettjin jier en stieken de jouns ôf nei Spoarsicht. En ja, it roun los. Elk foar in kwartsje. It is ús beide o sa min bikomd.”[13]
In hetzelfde stukje van Feenstra staat dat er in die tijd (dus zo rond 1885) twee dokters waren, namelijk dokter M. de Jong en dokter W. Visser. De laatste had een bordje op de deur met ‘W. Visser, Geneesheer’. De Jong had dat niet. Verder zegt Feenstra dat dokter De Jong naast zijn patiënten in Koudum ook die van Aldegea, Nijegea (nu Elahuizen), Hemelum en Warns erbij nam, lopend. Dokter Visser ging naar patiënten in Hindeloopen, Molkwerum en Stavoren en deed dat met paard en wagen. Koetsier van dokter Visser was Marten Popkes (Steigenga)[14] en later Luitsen Stellingwerf. Beide dokters hadden daarnaast apotheek aan huis.
In Koudum kregen Wieger en Trijntje Visser-Buma twee dochters (Itte Mathilda Anna Elisabeth, geboren op 25 september 1887[15] en Elise Ruurdtje, geboren op 6 januari 1889[16]) en twee zonen (Wieger Age, geboren op 15 februari 1891[17] en Age Jan Engbertus, geboren op 5 april 1893)[18].
In een advertentie in de Leeuwarder Courant van 11 januari 1890 doen enkele personen, onder wie dr. W. Visser, een oproep om bij de verkiezingen van het Waterschap Hemelumer Oldephaert en aanhoorige Zeedijk op de heer Jochem Abes Kat uit Molkwerum te stemmen.

Op 4 november 1895 koopt dokter Visser bij een publieke veiling in Koudum een boerderij met een stuk land dat van zijn twee jaar eerder overleden schoonvader Age Buma geweest was. Hij betaalt daar 18.000 gulden voor.[19]
Via een advertentie in de Leeuwarder Courant van 27 januari 1898 krijgt de “WelEdel. Z Gel. Heer Dr. W. Visser te Koudum” een dankbetuiging voor de goede diensten die hij bewezen heeft aan de Weklieden Vereeniging Samenwerking in Hindeloopen. In juli 198 wordt de dokter gekozen in een commissie dat het kroningsfeest van de nieuwe koningin Wilhelmina in november moet voorbereiden.[20] In oktober 1898 wordt Visser benoemd in de plaatselijke commissie van toezicht op het Lager Onderwijs.[21]
Dokter Visser woonde in het ‘oudste huis van Koudum’, gebouwd in 1789, huidige adres Vermaningsweg 5. Op onze pagina over de Vermaningsweg[22] staat een foto van het huis waar dokter Visser woonde en van het koetshuis (nu Vermaningsweg 7). In nog een anekdote die S. Feenstra in zijn later gebundelde krantenstukjes ‘Koudum yn myn bernejierren’ vertelde, komt dokter Visser voor. Het stukje gaat eigenlijk over Nolke, die dokters niet vertrouwt[23]:

In de zitting van het kantongerecht van vrijdag 9 februari 1900 kreeg “W. V. geneesheer te Koudum” een boete van f 0,50 of één dag hechtenis en komt er daarmee genadig af, aldus de krant die het verslag van de rechtszitting noteerde.[24] Om de weg te bekorten had de dokter over een pad van een boerin gelopen terwijl dat verboden was. De boerin had ook borden geplaatst. Ook een getuige heeft de dokter daar zien lopen, “en hoewel men gewoonlijk de geneesheeren, die hun tijd noodig hebben, in dit opzicht wel eens door de vingers ziet, staan ze in letterlijken zin niet ‘onder en boven de wet’.”
Dokter Wieger Visser is op 30 mei 1900 in Koudum overleden.[25] Zijn vrouw en vier kinderen verhuisden een jaar later naar Hilversum.
© juli 2025 Histoarysk Koudum/Jelle van der Meulen
[1] Geboorteregister 1837, archiefnummer 30-44, Burgerlijke Stand Wijmbritseradeel - Tresoar, inventarisnummer 1015, aktenummer 0011.
[2] Geboorteregister 1841, archiefnummer 30-17, Burgerlijke Stand Hemelumer Oldeferd - Tresoar, inventarisnummer 1007, aktenummer 0069.
[3] Bevolkingsregister gemeente Hemelumer Oldeferd_482_1850-1860.
[4] Volkstellingregister van de eerste algemene tienjaarlijkse volkstelling te Stiens, archiefnummer 2106, inventarisnummer 2306.
[5] Bevolkingsregister Vrouwenparochie I 1840-1860.
[6] Bevolkingsregister Hennaarderadeel (Hennaard, Itens, Lutkewierum, Oosterend, Kubaard, Waaxens) 1850-1860 inventarisnummer 306, inventarisnummer 306
[7] Stadsarchief Amsterdam - Bevolkingsregister 1853-1863, archiefnummer 5000, inventarisnummer 424
[8] Stadsarchief Amsterdam - Bevolkingsregister tijdelijk verblijf, archiefnummer 5007, inventarisnummer 255.
[9] Bevolkingsregister gemeente: Norg, Veenhuizen - Ommerschans Deel 20 (F2, F3, F4 en F5), archiefnummer 2001.16, inventarisnummer 55.
[10] Bevolkingsregister gemeente Hemelumer Oldeferd_488_1860-1869.
[11] Algemeen Handelsblad, 02-01-1882.
[12] Huwelijksregister 1886, archiefnummer 30-19, Burgerlijke Stand Hindeloopen - Tresoar, inventarisnummer 2008, aktenummer 0011.
[13] ‘Koudum yn myn bernejierren’ fan S. Feenstra, III. In: Sneeker Nieuwsblad, 14-10-1949. In het boekje Koudum yn myn bernejierren van S. Feenstra, uitgegeven in 1969 staat het fragment op p. 11-12.
[14] In het stukje in het Sneeker Nieuwsblad van 14-10-1949 heeft Feenstra het over “stâlknecht”; in een later stukje noemt hij Marten Steigenga “koetsier en túnman” (Sneeker Nieuwsblad, 27 mei 1952 (Koudum yn myn bernejierren (1969) p.60).
[15] Geboorteregister 1887, archiefnummer 30-17, Burgerlijke Stand Hemelumer Oldeferd - Tresoar, inventarisnummer 1020, aktenummer 0135.
[16] Geboorteregister 1889, archiefnummer 30-17, Burgerlijke Stand Hemelumer Oldeferd - Tresoar, inventarisnummer 1021, aktenummer 0002.
[17] Geboorteregister 1891, archiefnummer 30-17, Burgerlijke Stand Hemelumer Oldeferd - Tresoar, inventarisnummer 1021, aktenummer 0030.
[18] Geboorteregister 1893, archiefnummer 30-17, Burgerlijke Stand Hemelumer Oldeferd - Tresoar, inventarisnummer 1021, aktenummer 0059.
[19] Leeuwarder Courant, 06-11-1895.
[20] Leeuwarder Courant, 07-07-1898.
[21] Leeuwarder Courant, 18-10-1898.
[22] https://historisch.koudum.nl/index.php/straten-en-buurtjes/straten-noord/vermaningsweg .
[23] Deze aflevering van ‘Koudum yn myn bernejierren’ staat in het Sneeker Nieuwsblad van 5-11-1954. In het boekje Koudum yn myn bernejierren van S. Feenstra, uitgegeven in 1969 staat het fragment op p. 95-96.
[24] Bolswardsche Courant, 15-02-1900.
[25] Bevolkingsregister gemeente Hemelumer Oldeferd_521_1900-1916.