Verhalen over schippers uit Koudum

Jurjen Reinstra (1879-1967)

Oude namen
We zaten tegenover de oud-schipper Jurjen Reinstra ("al yn'e sawntich") en vroegen: hoe stond 't er met de schipperij voor toen u nog een jongen was? Ja, wat zal ik daarvan zeggen. In ieder geval was de ploeg behoorlijk groter dan die van nu. Op het ogenblik heeft Koudum eigenlijk nog maar één echte dopsschipper: Sjouke Aukema. Een stuk of wat anderen zijn hier gedomiliceerd, maar zien doe je ze niet veel. Vroeger was dat wel even anders. Een zestien-zeventien, denk ik. Het haventje lag winters vol. Iedereen had zo zijn "vak": turf, modder, mest, takken voor de bakkers, enz.. Haitze Jotsjes Zeldenrust "leike" zand uit de Morra, Durk Ottes Baijema haalde biggen met het schip en vente die uit bij de boeren en zo had elke schipper wel wat. Bij de oude garde hoorden ook nog Popke Stegenga, Anne Sipkes Schilstra, Sipke Jarichs Zeldenthuis, Anne Willems Dokkum, Jacob Reinstra, Sake Eekma, Berend Stegenga en nog wel een paar. Reinstra zelf was elf jaar toen hij begon te varen. Met een scheepje van 21 ton besomden vader en hij - voor de grote huishouding - een zevenhonderd gulden per jaar en "wy hiene een goed libben". Er werd gezeild van jewelste. Het was een sport om eerste te zijn. Soms was het eerste zijn wel nodig ook. Het varen naar een terp was gewoon een wedstrijd. De schippers uit de hele omtrek zetten, 's nachts om twee-drie uur al, alles bij om nummer één te worden want wie eerst kwam, ging ook weer eerst weg en dat was een oppertje. Reinstra, die in 1914 zelf een schip kreeg, voer tot 1935 toe.
Leeuwarder Courant  van 12 jan. 1957. Het artikeltje maakt deel uit van een pagina met de titel 'Koudum en het water', in de bijlage Sneon en Snein.

Hjirûnder is binnen te heljen it dokumint:
Pake, in ferhaal oer skippers fan Koudum, út: Sipke Feenstra, Koudum yn myn bernejierren (Boalsert 1969), útwurke troch Jelle R. de Jong.